10xEremetaal Janurai/Februari 2010

10xEremetaal in Januari/Februari 2010

 

 

ARSIS

Starve For The Devil

Nuclear Blast/PIAS
www.myspace.com/arsis
Robbie Woning
85

Mooie, agressieve thrash met veel technisch gitaarwerk en geregeld ook wat melodieuzere riffs. Arsis begon in 2000 als een overwinteringsproject van twee muziekstudenten die zich verveelden, maar is inmiddels uitgegroeid tot één van de interessantste nieuwe extreme metalbands. De 1,8 miljoen mensen die in vijf jaar tijd de MySpace van de band bezochten – dat is duizend per dag! – kunnen daarover meepraten. ‘Starve For The Devil’ is het vierde volledige album van de band en klinkt grofweg als een kruising van Death en Arch Enemy. De CD bevat tien soepele, zanggerichte nummers met agressieve zanglijnen, interessante gitaarriffs en opzwepende drums. Nummers als ”From Soulless To Shattered“ en ”The Ten Of Swords“ zullen bij fans van de latere Schuldiner-sound erg aangenaam in het gehoor liggen. Ook de vrijages met King Diamond-achtige heavy metal in ”Beyond Forlorn“ en ”Sick Perfection“ komen erg goed uit de verf. De venijnige krijszang van gitarist James Malone is de hele CD lang prima te verstaan. De gitaren klinken retestrak en staan heerlijk transparant in de mix, en het spel van teruggekeerd drummer Mike Van Dyne is om de vingers bij af te likken. Nu maar hopen dat bandleider Malone zijn nieuwe bezetting lang genoeg bij elkaar weet te houden, dan zou het nog best eens goed kunnen komen met Arsis. ‘Starve For The Devil’ ligt overigens pas vanaf begin februari in de winkel.


CITY OF FIRE

City Of Fire

Cyclone Empire/Bertus
www.myspace.com/thecityoffire
Rudi Engel
80

Bij Fear Factory hebben zanger Burton C. Bell en bassist Byron Stroud een vrij beperkt kader waarin ze hun kwaliteiten kunnen uiten; een schril contrast met hun nieuwe band City Of Fire. Ruim anderhalf jaar geleden vond in Vancouver een reünie plaats van Strouds voormalige band Caustic Thought. Nadat Terry Murray werd aangetrokken als vervanger van de oorspronkelijke gitarist ontstond echter een totaal nieuwe sound. Na de toevoeging van Bell was City Of Fire een feit. Met het titelloze debuutalbum – dat net als de bandnaam een eerbetoon is aan de stad Vancouver – zal de gemiddelde Fear Factory-fan niet zomaar uit de voeten kunnen. De eerste helft van het album roept namelijk vooral vergelijkingen op met post-hardcorebands, Burst bijvoorbeeld: spannend opgebouwde nummers die je geduld flink op de proef stellen. De laatste paar nummers gaan zelfs nóg veel dieper. De traag voortslepende muziek geeft Bell bovendien een compleet nieuw podium om zijn stem op los te laten. Op sommige momenten fluistert hij zich zelfs door de muziek heen. De deadline voor deze Aardschok kwam te vroeg om een definitief oordeel over ‘City Of Fire’ te vellen, maar qua spelniveau zit het in ieder geval wel goed met deze band. Nu maar hopen dat dit geen eenmalig project is.


DOMMIN

Love Is Gone

Roadrunner/CNR
www.myspace.com/dommin
Anita Boel
76

In de vorm van Dommin heeft zich een nieuwe band aan het ‘love metal’-front gemeld. Volgens frontman Kristofer Dommin maakt zijn band muziek voor iedereen met een gebroken hart. Daar heb ik zelf geen last van, maar het album ‘Love Is Gone’ kan ik desondanks best waarderen. De muziek ligt aardig in het verlengde van HIM, maar is veel meer beïnvloed door acts uit de jaren tachtig. Zo is duidelijk het stempel van Depeche Mode terug te horen. Ook hebben de bandleden vast veel naar Type O Negative geluisterd. De muziek van Dommin is verre van complex, maar juist deze eenvoud lijkt doeltreffend. Bovendien is het album zeer divers geworden. Van pakkende rocksongs (”My Heart, Your Hands“, ”Love Is Gone“) tot zoetsappig drama (”Making The Most“) en van sombere, zware kost (”I Still Lost“) tot aan orkestrale werkjes (”Remember“). Meest opvallend van alle veertien tracks is de ‘Star Sisters’-song ”Dark Holiday“; gedurfd, maar zeer geslaagd. Vervelen hoeft de luisteraar zich dus niet en dat geldt ook voor de zang. Steeds heb ik het gevoel dat ik naar Keith Caputo luister die Peter Steele imiteert. Dat pakt in bijna alle nummers goed uit, alleen met de song ”Tonight“ hebben we toch een uitglijdertje te pakken. Maar ach, daar liggen we niet wakker van. Als je zo’n debuut weet af te leveren, mag je best hier en daar een steekje laten vallen. De stoere ‘look’ van de zanger maakt bovendien weer veel goed.


DREAM EVIL

In The Night

Century Media/EMI
www.myspace.com/dreamevil
Robert Haagsma
78

De bezetting van Dream Evil is in de loop der jaren danig veranderd, maar het had nauwelijks gevolgen voor de kwaliteit en de stijl van de muziek. Slaggitarist Fredrik Nordström wist zijn band dus goed door al die stormen te leiden. De consequentie is dat deze vijfde CD ‘In The Night’ naast eerder werk gelegd kan worden en het gezelschapsspel ‘zoek de verschillen’ aangevangen kan worden. Toch is er wel iets veranderd. De humor die er op de eerste platen zo dik bovenop lag, lijkt langzaam uitgefaseerd te worden. Het is een ontwikkeling die ook al te bespeuren viel op de vorige CD ‘United’ uit 2006. Dream Evil stort zich tegenwoordig liever met hart en ziel op degelijke power metal, met als belangrijkste referenties Judas Priest (”Electric“) en het latere Helloween (”See The Light“). ‘In The Night’ bevat onversneden power metal. Niets meer, niets minder. Wel is het vakwerk onmiskenbaar. De songs zijn pakkend, in de teksten wordt virtuoos met clichés gegoocheld, het spel is superieur en zanger Niklas Isfeldt galmt vanuit zijn tenen. Zoals in ”The Ballad“. Kortom, Dream Evil levert vertrouwde kwaliteit, zonder ook maar een sprankje vooruitgang te bieden. Geen power metalband die daar ooit op afgerekend is.


HEATHEN

The Evolution Of Chaos

Mascot/PIAS
www.myspace.com/heathenmetal
Robbie Woning
90

We kunnen een zielig verhaal ophangen. Over hoe Heathen nooit beroemd mocht worden, terwijl het een van de meest getalenteerde Bay Area-bands was. Heathen schreef prima melodieuze thrashnummers, had een herkenbaar eigen geluid en beschikte over de beste gitaristen van San Francisco en omstreken. De geschiedenis heeft het echter al vaker uitgewezen: goed is soms gewoon niet goed genoeg. Belangrijker is het dat de band al een tijdje weer enthousiast muziek maakt en deze maand gewoon een gloednieuwe CD aflevert. Een plaat die bovendien prima voortborduurt op zijn voorganger ‘Victims Of Deception’ (1991). De riffs zijn wat agressiever dan vroeger, maar dat kunnen we gitarist Lee Altus na vier jaar in Exodus moeilijk kwalijk nemen. Verder is het oude geluid behoorlijk intact gebleven. David White is nog altijd goed bij stem en ook Darren Minter heeft zijn ritmische vaardigheden goed op peil weten te houden. ”Dying Season“ en ”Controlled By Chaos“ wijken niet veel af van de demo-versies uit 2005, maar hebben van producer Jacob Hansen wel een veel vettere, digitalere sound meegekregen. De rest bestaat uit vergelijkbare, melodieuze, goed gestructureerde thrashnummers, waarbij ook ”Arrows Of Agony“ en ”Silent Nothingness“ de oplettende fan al bekend zullen voorkomen. Opvallend detail is dat kersverse gitarist Kragen Lum de meeste van de kenmerkende snelle solo’s speelt en ook een aantal van de typische Heathen-nummers op de CD schreef. Vermeldenswaard zijn ook de bijdrages van Gary Holt van Exodus (wat gitaarsolo’s) en Jon Allen en Steve DiGiorgio van Sadus (het intro van de CD). Het duurt soms even voor een band de boel weer op orde heeft. Heathen deed er negentien jaar over, maar levert wel een plaat af die niet onder doet voor zijn eerdere releases.


HELLFUELED

Emission Of Sins

Black Lodge/Suburban
www.myspace.com/hellfueled
Stan Novak
79

Hellfueled zat Black Label Society drie albums lang behoorlijk dicht op de hielen, maar met ‘Emission Of Sins’ lijkt het toch echt een eigen koers te gaan varen. De Zweden trekken op deze vierde studioplaat nog steeds stevig van leer, wat heeft geresulteerd in krachtige songs die drijven op de indrukwekkende riffs van gitarist Jocke Lundgren. Het album opent loodzwaar, maar gaandeweg blijkt dat de boosaardigheid van vorige releases heeft plaatsgemaakt voor meer opbeurende melodieuze aspecten. Tracks als ”A Remission From My Sins“ en ”Lost Forever“ zorgen door de catchy zanglijnen voor de nodige afwisseling. ”For My Family And Satan“ doet vanwege de zang zelfs aan Jane’s Addiction denken. En het toegankelijke ”In Anger“ lijkt zelfs een knieval richting commercie te zijn. Het zijn factoren die wellicht zijn toe te schrijven aan de samenwerking met de vermaarde Zweedse producer Rikard Löfgren. De strategisch geplaatste solo’s van riffmaster Lundgren zijn nog steeds om je vingers bij af te likken, maar alles staat momenteel wel in dienst van de songs. Door de open structuren en gevarieerde zang klinkt Hellfueled momenteel zelfs Amerikaanser dan BLS en dat is beslist geen verkeerde zaak.


MNEMIC

Sons Of The System

Nuclear Blast/PIAS
www.myspace.com/mnemic
Rudi Engel
83

Het is niet geheel toevallig dat Mnemic zo geliefd is bij andere bands en daarom ook vrij regelmatig door grote namen als voorprogramma gevraagd wordt. In deze tijd van snel even een album consumeren en dan weer doorskippen naar de volgende artiest op je iPod weten artiesten namelijk goede muziek op waarde te schatten. Zij geven een groeialbum ook daadwerkelijk de kans om te groeien. Want geef toe: je bedenkt pas weer dat je een album nog niet goed hebt beluisterd zodra het volgende album van die band alweer in de rekken ligt. Zo dus ook met Mnemic. ‘Passenger’ uit 2007 was naar mijn mening de beste plaat van de Denen tot nu toe. Moeilijk, dat zeker, maar daardoor ook met een zeer lange houdbaarheidsdatum. Eigenlijk net als met gepasteuriseerde melk: vergeleken met gewone melk niet te zuipen, maar een week later smaakt die tenminste niet zuur. Mnemics vierde album klinkt op het eerste gehoor iets minder moeilijk en daardoor ook iets minder spannend dan zijn voorganger, maar dat is die stiekem natuurlijk niet. Zoals het cliché luidt, geeft hij pas na meerdere luisterbeurten zijn geheimen prijs. Beetje bij beetje ontdek je al die gave tegendraadse partijen op de achtergrond, en al die krankzinnig moeilijke opbouwpatronen. Toch klinkt ‘Sons Of The System’ behapbaar en op zijn eigen bizarre manier catchy.


OVERKILL

Ironbound

Nuclear Blast/PIAS
www.myspace.com/overkill
Roman Hödl
90

Met de beste plaat sinds ‘Killbox 13’ meldt Overkill zich weerterug aan het thrashfront! Dit keer zelfs met maar een enkel nieuw bandlid, namelijk drummer Ron Lipnicki (ex-Hades). ‘Ironbound’ luidt de titel van dit meesterwerk, en de opener ”The Green And Black“ laat meteen al een geweldige indruk achter; een gevoel dat de gehele CD aanhoudt. Eindelijk weer eens een vet geproduceerde plaat, want hier hebben de New Yorkers bij de voorgangers ‘ReliXIV’ en ‘Immortalis’ nogal op bezuinigd. Ook durft Overkill bij diverse tracks rustige passages in te bouwen, waarbij semi-akoestische gitaarpartijen met gevoelige solo’s gecombineerd worden, waarna men de spanning ouderwets goed opbouwt. Overkill klinkt hierbij spontaan fris en fruitig. Vooral van dat laatste kunnen oude rotten als Megadeth en Testament, maar ook een band als Iron Maiden nog heel wat leren. Ook de duizelingwekkende gitaarpartijen vallen op, waarbij Dave Linsk en Derek Tailer diverse muzikale stromingen combineren en het is zanger Bobby Blitz en bassist D.D. Verni gelukt om muzikaal te verrassen. Het is Overkill absoluuty gelukt om iets eigens en vooral energieks op poten te zetten. We raden dan ook iedereen die het thrashgenre een warm hart toedraagt aan om deze CD in huis te halen! Dit kan vanaf eind januari, want dan zal deze CD pas verkrijgbaar zijn.


THEM CROOKED VULTURES

Them Crooked Vultures

RCA/Sony
www.myspace.com/crookedvultures
Robert Haagsma
85

Them Crooked Vultures is zowel de hype als de supergroep van het jaar. Dave Grohl (o.a. Nirvana, Foo Fighters) repte al in 2005 van een band waarin verder Josh Homme (o.a. Kyuss, Queens Of The Stone Age) en John Paul Jones (Led Zeppelin) zouden participeren. Toch viel het samenwerkingsverband in de tweede helft van 2009 voor velen toch uit de lucht. Het eerste dat opvalt is dat ‘The Crooked Vultures’ toch wel erg klinkt als één van de vele projecten waar zanger en gitarist Josh Homme de hand in heeft. De songs, de sound, zijn zang en gitaarspel domineren het geheel. Het is echter wel één van zijn interessantere projecten, want met Jones op bas en Grohl achter de drums heeft hij wel een ritmesectie om de vingers bij af te likken. Het is dan ook dat samenspel van dit trio dat de plaat zo bijzonder maakt. Songs als ”No One Loves Me & Neither Do I“, ”New Fang“ en ”Scumbag Blues“ zitten lekker in elkaar. Het Cream-achtige ”Elephants“ is zelfs een compositorisch juweeltje. Toch klinken ze vooral als jamsessies waar achteraf weinig aan veranderd is. Bij mindere goden zou dat tot een vrijblijvend resultaat leiden, in het geval van Them Crooked Vultures mondt het uit in lekker dwarse muziek, waarin de heren elkaar tot grote muzikale hoogten stuwen. Het debuut klinkt bevlogen. De mannen speelden samen, gaven elkaar ruimte en vulden elkaar aan. Ze hadden er bovenal veel schik in. Dat maakt de plaat dan ook onweerstaanbaar.


ROB ZOMBIE

Hellbilly Deluxe 2

Roadrunner/CNR
www.myspace.com/robzombie
Robert Haagsma
85

Wordt dit de zwanenzang van Rob Zombie? Het zou zo maar kunnen. Het is de Amerikaanse zanger niet ontgaan dat de verkoopcijfers van CD’s net zo rap verschrompelen als zombies in een horrorfilm. De CD is zo dood als een pier, merkte hij onlangs op. De toekomst is aan downloads. Hoewel de albums van zowel White Zombie als Rob Zombie mij nooit teleurstelden, lijkt het in alles of hij van ‘Hellbilly DeLuxe 2’ iets bijzonders heeft willen maken, van de verpakking tot de muziek. Zoals de titel al duidelijk maakt, is de nieuwe plaat een broertje van zijn succesvolle solodebuut uit 1998. De afgelopen jaren ontpopte Rob Zombie zich als succesvol regisseur van bloederige horrorfilms. De platen die hij sinds jaar en dag maakt zijn opgetrokken in dezelfde zwarte sferen. Ook ‘Hellbilly Deluxe 2’ is de soundtrack van een niet bestaand griezelepos. ”Werewolf Women Of The SS“ is een stijlvol staaltje wansmaak, zoals alleen uit de koker van Rob Zombie kan komen. Zieke teksten, knerpende gitaren. De zanger schetst met grommende stem verontrustende scenario’s, zoals in het opzwepende ”Werewolf, Baby“. Het decor is zompige, genadeloos voortbeukende rock, met af en toe een buiging richting authentieke rock-’n-roll. Het bombastische ”The Man Who Laughs“ bevat warempel een drumsolo. Het is daarmee een verrassend einde van de CD. Ook al zijn de muzikale verschillen met eerder werk niet groot, wel valt op dat de zanger ditmaal met een vaste band werkte. ‘Hellbilly Deluxe 2’ klinkt daardoor als een geïnspireerde eenheid. Mocht dit de laatste fysieke CD worden, dan eindigt Rob Zombie zijn platenloopbaan met een hoogtepunt. Op naar de downloads? Waarom probeert de zanger het niet eens met een LP?